Een moord suggereren terwijl je weet dat er geen moord was

Wie luistert naar een podcast over een mysterieuze dood, hoort pas in aflevering vier dat de vrouw aan kanker overleed. Dat achterhouden ten behoeve van de luisterervaring leverde het AD een deels gegronde klacht op. Daarmee ligt er voor het eerst een toetsbare grens tussen spanning en zorgvuldigheid.

Dit artikel is geschreven door AI.

Platte illustratie van een zwarte staande microfoon op crèmewitte achtergrond. Uit de voet loopt een rij geluidsbalkjes naar rechts: eerst grillige zwarte balken met daarboven een zwart vraagteken, helemaal rechts een klein blauw cluster balkjes dat is afgevlakt tot een rechte lijn.

In de eerste aflevering van ‘Het Habbo-mysterie’ hoort de luisteraar over de mysterieuze verdwijning en dood van Anja, een Scheveningse vrouw die haar familie de rug toekeerde en haar erfenis naliet aan een vriendin uit een computerspel. Pas in aflevering vier volgt de mededeling dat Anja aan kanker is overleden. Het wederhoor van het beschuldigde echtpaar komt aan het einde van aflevering vijf, beschrijft Frits van Exter in Villamedia.

In deze zaak paste de Raad voor de Journalistiek voor het eerst zijn normen op een podcast toe. De klacht van de echtgenoot van de Vlaamse vriendin werd op drie van de zeven punten gegrond verklaard. Feitelijk viel er weinig op af te dingen, oordeelde de Raad, maar de berichtgeving was eenzijdig en tendentieus: de verslaggeefster nam te weinig afstand van de Scheveningse familie, die groot belang had bij publicatie. Het wederhoor kwam vijf afleveringen te laat. De waarheid over de doodsoorzaak werd lange tijd achtergehouden ‘ten behoeve van de luisterervaring’, en het label ‘waargebeurde misdaad’ was misplaatst omdat van een misdaad niets was gebleken. Op andere punten kreeg het AD gelijk: sympathie voor de familie valt binnen de vrijheid van invalshoek, en van privacyschending of feitelijke onjuistheden was geen sprake, vat mediarechtadvocaat Otto Volgenant de uitspraak samen op Mr. Online.

De hoofdredactie van het AD had er tijdens de zitting een verdedigbaar verhaal tegenover gezet. Een podcastserie kent een typische verhaalopbouw: eerst de vragen en verdenkingen, dan het wederhoor en de feiten. Je moet een serie als geheel beschouwen, en dan is dat niet bezwaarlijk. Het is een bijzonder genre, opperde de hoofdredacteur, waarbij de klassieke beoordelingscriteria wellicht niet voldoen. Een lid van de Raad vroeg of de ‘ontdekkingsreis naar de feiten’ een reis is voor de luisteraar of voor de journalist. Dezelfde reis, antwoordde de hoofdredacteur, in verschillende snelheden.

Waarom vijf weken wachten niet meer kan

Het advies dat de Raad tussentijds liet schrijven maakt van die snelheden een norm. Bij series die over vele weken worden gepubliceerd kan de journalist er niet van uitgaan dat het publiek de hele reeks hoort, staat in het deskundigenadvies van Frits van Exter. Wederhoor moet daarom zoveel mogelijk in dezelfde aflevering waarin iemand wordt gediskwalificeerd. Wie de uitkomst kent maar verzwijgt tot het hem beter uitkomt, gaat zwaarder in de fout, ook als in de laatste aflevering alles wordt rechtgezet. Iemand kan verdacht lijken in aflevering 2 en weer onschuldig blijken in aflevering 4.

Eigen regels voor het genre zijn volgens het advies niet nodig. De Leidraad volstaat, alleen vraagt verhalende journalistiek om meer zorgvuldigheid dan gewone: “Eigenlijk vraagt het genre om grotere zorgvuldigheid omdat de risico’s groter zijn: de journalist breekt met conventies van klassiekere journalistieke vormen en zoekt creatieve vrijheid”, staat in het deskundigenadvies. Van Exter, voorzitter van de Raad maar zonder stem bij de beoordeling van klachten, schreef het advies mede op basis van gesprekken met enkele deskundigen. Zij waren stellig: waarheidsvinding staat voorop, desnoods ten koste van de spanning.

Daar komen concrete richtsnoeren bij waar elke redactie die een verhalende podcast maakt zich aan kan spiegelen. Een publicatie onder de noemer ‘waargebeurde misdaad’ moet een misdrijf betreffen of ten minste een gegrond vermoeden daarvan. Nagespeelde opnamen moeten herkenbaar zijn als nagespeeld, want hoe meer zo’n scène op verbeelding berust, hoe minder waarheidsgetrouw. Slachtoffers, nabestaanden en verdachten informeer je tijdig, bij voorkeur voordat de productie begint. Het advies signaleert ook een druk die zelden hardop wordt benoemd: door de hoge kosten van audio kunnen commerciële overwegingen zwaarder wegen dan journalistieke, en de drempel is hoog om een productie af te breken als het verhaal niet aan de normen voldoet.

Wat makers zelf al doen

De makers die er hun vak van hebben gemaakt, redeneren opvallend dicht bij die normen. “Een spannend verhaal vertellen vind ik niet genoeg, het moet iets zeggen over onze maatschappij”, zegt Joris Peters, misdaadjournalist bij NU.nl, tegen SVDJ. Zijn podcast ‘De zwembadmoord’ gaat over een moordzaak in Marum, maar draait vooral om het kroongetuigensysteem: volgens Peters loog de kroongetuige aantoonbaar, en toch werden zijn overige verklaringen gebruikt en ging de deal door. NRC-journalist Jan Meeus zegt het zo: “Een verhaal heeft een tweede of derde laag nodig. Het moet maatschappelijke betekenis hebben. Alleen een moord met bloederige details wordt plat.”

De ingrediënten die zij noemen zijn die van elk goed verhaal. Karakters, met details die een feit tot verhaal maken: niet dat iemand in de Vomar was, maar dat hij er elke dag met zijn vrouw en broer naartoe gaat en hoe hij zijn fiets op slot zet. Hoofdpersonen die je niet alleen opvoert maar zelf laat vertellen, zegt Colin Mooijman van Dagblad van het Noorden. Informatie doseren, want de luisteraar kan niet teruglezen wie Piet ook alweer was. En op locatie zijn: Meeus reisde voor ‘Cocaïnekoorts’ naar Costa Rica en rijdt in het derde seizoen door België.

De grens trekken ze per geval. Van de moord die een onderwereldfiguur pleegde bestaat een geluidsfragment; te privé, oordeelde Meeus, en het voegde weinig toe. Het geluid van een schietpartij in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt in 2012 liet hij wel horen. “Ik liet het geluid van die schietpartij horen omdat het maatschappelijk belang ervan groot was”, zegt hij tegen SVDJ. Over zijn eigen stemrollen in ‘Narco’s in Nederland’ is hij minder stellig: “Maar je moet je steeds afvragen: wat voegt het toe? Het blijft een eindeloos dun lijntje.”

Peters liep tegen een dilemma aan dat de Raad niet regelt. In ‘De zwembadmoord’ waren twee verdachten bereid tot een interview, de nabestaanden van het slachtoffer niet. “Ik dacht: bied ik niet te veel een podium aan de verdachten als zij misschien verantwoordelijk zijn voor moord?”, zegt hij tegen SVDJ. Hij liet ze kort aan het woord, stelde veel kritische vragen en gaf in de voice-over context.

Het verhaal doodchecken

Het lastigst is de beschuldiging die je niet rond krijgt. Onderzoeksjournalisten Klaas den Tek en Jerry Vermanen van Pointer beschrijven in Villamedia hoe ze voor ‘Dreiging op de Egelshoek’, over een escalerend conflict op een bungalowpark, verhaal na verhaal kregen aangereikt over wielklemmen, hekken en verdwenen pakketjes. Bijna zo aantrekkelijk dat je het kritische deel van je brein wil uitzetten, schrijven ze. Waarom zou je een verhaal willen doodchecken?

Hun oplossing is de omgekeerde van de gangbare. “Een makkelijke oplossing zou zijn geweest: laat het wilde verhaal horen en zeg vervolgens dat je niet weet of het klopt. Het is een oplossing die vaak wordt gekozen in podcasts, maar wij hebben zoveel mogelijk geschrapt in die beschuldigingen”, schrijven ze in Villamedia. Eén onbewezen beschuldiging haalde de serie wel: de groot-eigenaar heeft geen enkel bewijs dat een groep bewoners de anonieme dreigbrief schreef, maar dat vermoeden bepaalde zijn hele handelen tegen die groep. Met de disclaimer erbij dat de makers het bewijs niet hebben gevonden.

Ook in de vorm valt te kiezen. Voor ‘Het Gelders Bloed Orkest’, over een Arnhemse politie-elitegroep uit 1969, bleef Omroep Gelderland bewust weg van wat eindredacteur Arjan Snijders “de inmiddels wat uitgekauwde vorm waarbij de maker van de podcast een persoonlijke queeste uitvoert” noemt, schrijft hij in Villamedia. Geen te vinden waarheid, geen eenduidige conclusie: maker Frank van Dijk sprak meer dan veertig direct betrokkenen en vond acht thema’s, dus werden het acht afleveringen.

Het AD heeft zich er publiekelijk niet over uitgelaten of de podcast na de uitspraak is aangepast of van een ander label voorzien. De grens die de Raad trok staat wel vast: het label ‘waargebeurde misdaad’ is misplaatst als van een misdaad niets is gebleken, en de luisteraar op achterstand houden omwille van de spanning is een verteltechniek met een prijs.